WAT IS EEN TRIAL

Een wedstrijd schapendrijven wordt “trial” genoemd. De allereerste trial vond plaats in 1873 te Noord-Wales.

Gaandeweg zijn er meer trials ontstaan en in Groot-Brittanië vinden er in de zomerperiode bijna dagelijks wedstrijden plaats. Ze beschikken er immers over schapen en grote terreinen in overvloed. Bijna alle deelnemers zijn landbouwers en/of praktijkmensen, herders of mensen die op een boerderij werken.

Op het vasteland is het net andersom. De meeste mensen hebben enkele schapen om te trainen, maar slechts enkele uitverkorenen zijn herders.

HOE ZIT EEN TRIAL IN ELKAAR

  • Het parcours
    In België lopen we meestal het Engels parcours. Hierbij moeten zo’n 5-tal schapen een welbepaald traject afwerken in een vaste volgorde en binnen een tijd die door de jury bepaald wordt. Voor elke afwijking op het parcours worden er punten afgetrokken. Het is de bedoeling dat de schapen in een rechte lijn over het veld lopen en er zo min mogelijk van afwijken. Elke onderdeel van de wedstrijd komt uit de praktijk.
  • Wedstrijden in België
    In België zijn er 3 wedstrijdklassen.

    De afstand wordt groter naarmate de hond in een hogere klasse deelneemt.

    • Klasse 1 : outrun = ca. 100m
    • Klasse 2 : outrun = ca. 200m
    • Klasse 3 : outrun = ca. 300m of meer

DE BEGRIPPEN

Hier volgt een woordje uitleg over de begrippen die gebruikt worden. De meeste woorden komen uit het Engels en worden niet vertaald.

  • Outrun
    De handler stuurt de hond uit naar links of rechts tot achter de schapen.
    De outrun kan geslaagd genoemd worden wanneer hij d.m.v. een peervormige beweging achter de schapen komt en de 12-uurs positie” ingenomen heeft (dit betekent dat de hond op 12-uur ligt of staat t.o.v. de handler).
  • Lift
    Nadat de hond achter de schapen de 12-uurs positie ingenomen heeft, moet hij de schapen rustig in beweging zetten. Op het ogenblik dat de schapen in beweging komen spreken we van de lift.
  • Fetch
    Vanaf de plaats waar de schapen opgezet werden, moeten ze in een rechte lijn naar de handler toe komen.
  • Drive
    Als de schapen rond de handler draaien (links of rechts) begint de drive.
  • Cross-drive
    De schapen worden als het ware dwars over het veld gedreven.
  • Shedding
    De shedding of het afscheiden van een aantal schapen en dit onder controle houden en een stukje wegbrengen.
  • Pennen
    De schapen worden in een pen gedreven.

OPGELET!

Links- en rechtscommando’s worden gegeven vanuit het oogpunt van de hond. Beweegt de hond zich met de wijzers van de klok mee, dan is dit links, en tegen de wijzers van de klok in is rechts. 

Als we over grote afstanden werken, wordt er meestal overgeschakeld op fluitsignalen omdat deze beter hoorbaar zijn op grotere afstanden (en meestal ook beter worden opgevolgd).

INFORMATIE

Voor meer info, kan je altijd bij Heidi Vermandere terecht.