Home
Wie zijn wij?
Trainingsuren
Onze Terreinen
Laureaten
Basistraining
Gehoorzaamheid
Agility
Schapendrijven
Wedstrijdspelers
Filmpjes
Bestanden
Contacteer ons
|
|
Home
Wat is agility ?
Agility is een discipline van de hondensport die te vergelijken is met
jumping bij paardensport. Het parcours omvat een aantal hindernissen die
de hond moet nemen, geleid door zijn begeleider, in een minimum van tijd,
op de juiste wijze en in een bepaalde volgorde.
Het is niet enkel een snelheidsrace !
Het is ook zo dat de hond en geleider één team moeten vormen,
zoniet kom je er niet !
Wendbaarheid, moed, gezondheid, een volledige beheersing van uit-zonderlijke
situaties, veel oefenen en techniek, zijn vereisten van de hond, terwijl
de geleider over evenveel geduld, zachtheid, goede fysiek en controle
van zijn hond moet beschikken.
De hond en geleider vormen een evenwichtige combinatie, begrijpen elkaar
perfect en is gebaseerd op wederzijds vertrouwen.
De omloop en de hindernissen zijn vakkundig uitgewerkt en bestudeerd voor
honden van alle rassen en schofthoogte.

Hoe en wanneer is agility ontstaan ?
In 1978 werd het voor het eerst gezien, “het spel der behendigheid”.
Na de kampioenschappen gehoorzaamheid van Groot-Brittanië, die op
de Cruft’s tentoonstelling in Londen werd gehouden, bracht men allerlei
hindernissen en obstabels in de grote ring. Het publiek bleef uit nieuws-gierigheid
zitten en ging er bij de eerste deelnemer een nieuw stukje hondenwereld
voor ze open : één hond die, op aanwijzigingen van zijn
meehollende baas, zo snel mogelijk een parcours moest afleggen, bij voorkeur
zonder fouten, dat was alles !!
Ongeloofelijk wat een pret en enthousiasme er bij alle betrokken partijen
onstond. Met de medewerking van verschillende instanties is deze sport
tot bij ons overgekomen en wordt hedendaags beoefend.
Niemand had ooit durven hopen dat dit spel der behendigheid een onge-loofelijk
succes zou worden.
Het spel
Prachtig, spannend, leuk, opwindend, fascinerend zijn de kreten die je
rondom een behendigheidswedstrijd hoort van de toeschouwers.
Vooral van de mensen die voor de allereerste keer zoiets meemaken.
Het ziet er allemaal zeer aantrekkelijk uit, een beetje zoals de hinder-nissen
voor een paardenspringconcours. Het zijn niet alleen sprongen, er is ook
een hoepel, een wip, een tunnel, een slurf, een slalom (rij paaltjes),
toestellen met raakvlakken (hondenloop, kruising, schutting), etc…
Alles in vrolijke en afwisselende kleuren geschilderd.
Eén van de sterke kanten van deze sport is, dat ze zo in elkaar
zit dat je alles direct kunt volgen en mee kunt leven met de deelnemers
en hun viervoeters. Bovendien is het een lust voor het oog de honden te
zien gaan : de staarten zwaaien als vaandels, de oren zijn gespitst en
de pret straalt van de snuiten af. Er zijn zelfs honden die het hele parcours
blaffend afleggen, anderen kunnen er niet genoeg van krijgen en racen
in het rond. De cracks werken in een enthousiaste samenwerking met hun
baas, volgen in razend tempo zijn aanwijzingen op en zijn vaak al over
de finishlijn voordat hun baas voorbij de laatste hindernissen is.
Het is natuurlijk voor de meeste honden ook heerlijk : in volle vaart
wenden, keren, kruipen en springen.
Honden moeten een uitlaatklep hebben voor hun energie en het is het beste
als we ze die gericht kunnen geven : samen met de baas wat doen, versterkt
het natuurlijk overwicht van de baas en zorgt ervoor dat de hond zijn
“leider” nog meer in de gaten houdt : “Wat doet de baas,
kan en mag ik meespelen ?”
De meeste trainingen en wedstrijden vinden plaats in de openlucht, maar
het spel kan ook binnen gespeeld worden, mits de ondergrond niet te glad
is.
Om foutloos rond te kunnen komen, moet een hond niet alleen snel kunnen
lopen, maar moet hij zowel hoogte- als breedtesprongen maken, door tunnels
en slurven kruipen, over schuttingen klauteren, op een smalle plank (wip)
zijn evenwicht behouden en zigzaggend door een rij paaltjes (slalom) gaan.
Hoewel het op het eerste zicht niet zo lijkt, de hond doet immers het
werk, speelt de baas in dit spel de belangrijkste rol. De baas moet er
bij de trainingen niet alleen voor zorgen dat zijn hond goed en graag
over de toestellen gaat, maar hij moet ook zijn viervoeter zo onder controle
hebben dat de hond in zijn opwinding niet te snel over de toestellen met
de raakvlakken gaat : op de wip, de hondenloop, de schutting en de kruising
moet de hond met minstens één poot de eerste en de laatste
meter raken, om blessures en strafpunten te voorkomen. De baas moet er
verder voor zorgen dat de hond niet een verkeerde hindernis neemt of er
ergens langsschiet.
De baas mag zich echter vrij door het parcours begeven en net zoveel
aanmoedigingen en aanwijzingen geven als hij nodig acht. Hij mag zelf
niet het goede voorbeeld geven door over een hindernis te gaan of de toestellen
opzettelijk aan te raken. De hond werkt “bloot”, zonder riem
of halsband, en de baas mag hem tijdens de wedstrijd niet met zijn handen
of voeten helpen.
Een goede geleider/baas bepaalt dus de snelheid van de hond, wijst hem
de weg en geeft voor zover zijn ademtechniek dat toestaat, zijn hond zoveel
mogelijk aanwijzingen.



Wie en welke honden kunnen agility beoefenen?
Daar de goede gezondheidstoestand van de meester in agility van essentieel
belang is, beslist de meester in eer en geweten over zijn bekwaamheid
om die sport te beoefenen en neemt er de volle verantwoordelijkheid over.
Alle honden zijn toegelaten.

Als lesgever haal je veel uit de ervaring door het werken met verschillende
hondenrassen en mensen. Tevens door het lezen van boeken, kijken naar
TV programma’s en het luisteren naar anderen, kun je veel nieuwe
dingen en manieren van aanleren opsteken.
Want één perfecte manier vinden om toe te passen op elke
hond en geleider, bestaat er niet !!

|
|